Wat verandert er precies per 1 januari 2026

Tibber heeft aangekondigd dat het tarievenmodel voor 2026 verandert, en dat dit vooral invloed heeft op huishoudens met zonnepanelen. Waar klanten voorheen bij teruglevering van stroom aan het net een inkoopvergoeding ontvingen bovenop de marktprijs, verdwijnt deze vergoeding volledig. Dit gebeurt doordat Tibber vanaf 1 januari 2026 een verkoopvergoeding van €0,0248 per kWh rekent bij teruglevering. In feite betekent dit dat de vroegere extra vergoeding simpelweg wordt weggestreept, zodat je alleen nog de kale beursprijs per kWh ontvangt voor de stroom die je teruglevert. Voor wie veel teruglevert, kan dit financieel een flinke aderlating zijn, omdat je nu minder terugkrijgt dan voorheen, zelfs als de dynamische uurprijs op dat moment relatief hoog is.
Waarom de inkoopvergoeding verdwijnt
Tot nu toe betaalde Tibber klanten met zonnepanelen voor teruggeleverde stroom vaak marktprijs + inkoopvergoeding (de opslag per kWh), wat een aantrekkelijk extraatje opleverde. Die vergoeding lag op ongeveer €0,0248 per kWh inclusief btw. Vanaf 2026 wordt die vergoeding niet meer uitgekeerd, doordat Tibber dezelfde €0,0248 per kWh als verkoopvergoeding rekent. Dit betekent dat de extra bonus die je bovenop de beursprijs kreeg, effectief verdwijnt. Voor zonnepaneelbezitters die gewend waren aan een bonus bovenop de dynamische marktprijs, voelt dit als een verslechtering van hun contract. De verandering komt voort uit Tibbers keuze om teruggeleverde stroom anders te verrekenen en een eerlijke compensatie voor onbalanskosten en handelskosten te verwerken in de nieuwe structuur.
Wat dit betekent voor jouw energierekening
De impact van het schrappen van de inkoopvergoeding kun je pas goed begrijpen als je kijkt naar de bedragen. Vóór 2026 kreeg je voor teruggeleverde stroom de marktprijs plus een inkoopvergoeding van €0,0248 per kWh. Vanaf 1 januari 2026 ontvang je alleen nog de marktprijs én wordt van dat bedrag €0,0248 per kWh ingehouden als verkoopvergoeding. Hieronder zie je hoe dat verschil eruitziet in een concreet overzicht.
| Situatie | Tot en met 2025 | Vanaf 1 januari 2026 |
|---|---|---|
| Marktprijs per teruggeleverde kWh | Marktprijs + €0,0248 | Marktprijs |
| Vergoeding bovenop marktprijs | Ja (€0,0248) | Nee |
| Nettovergoeding per kWh | Marktprijs + €0,0248 | Marktprijs – €0,0248 |
| Effect op opbrengst | Extra opbrengst | Minder opbrengst |
Als je bijvoorbeeld op een dag 10 kWh teruglevert met een marktprijs van €0,20 per kWh, kreeg je vroeger €0,2248 per kWh (€0,20 + €0,0248). Vanaf 2026 krijg je technisch alleen €0,20, maar daar wordt €0,0248 als verkoopvergoeding vanaf getrokken, waardoor je netto €0,1752 per kWh overhoudt. Dat verschil lijkt klein, maar over honderden of duizenden kilowatturen per jaar loopt het fors op.
Voor wie is deze wijziging het nadeligst
Deze aanpassing raakt vooral huishoudens met zonnepanelen die relatief veel stroom terugleveren, maar weinig zelf verbruiken. Voor hen levert het wegvallen van de inkoopvergoeding een direct financieel nadeel op. Daarbij is het belangrijk om te realiseren dat marktprijzen per uur sterk schommelen; op momenten dat de marktprijs laag of negatief is, levert terugleveren al weinig op, en met het wegvallen van de extra vergoeding wordt dat nog minder aantrekkelijk. Maar voor wie zijn eigen energiegebruik slim weet te plannen, bijvoorbeeld door een elektrische auto overdag te laden of een warmtepomp slim te laten draaien bij hoge productie, blijft dynamische energie juist interessant.
Tibber benadrukt dat hun dynamische model nog steeds kansen biedt om te besparen, juist omdat je kunt sturen op lage marktprijzen. Wie echter weinig flexibiliteit heeft of vooral teruglevert op momenten met lage prijs, zal het verschil op zijn jaarrekening voelen.
Hoe je het nadeel kunt beperken
Hoewel het schrappen van de inkoopvergoeding een onmiskenbaar nadeel is, zijn er manieren om de impact op je energiekosten te verzachten. Slim energiegebruik krijgt daardoor nog meer waarde. Denk aan:
• Het laden van apparaten en elektrische voertuigen tijdens uren met lage marktprijzen
• Meer eigen verbruik van opgewekte stroom, zodat je minder hoeft terug te leveren
• Eventueel investeren in slimme energiemanagementsystemen of thuisbatterijen om opbrengst te maximaliseren
Door je verbruik af te stemmen op de momenten dat de marktprijs laag is en alleen terug te leveren wanneer de prijs relatief hoog is, kun je het verschil in opbrengst beperken. Daarmee blijft dynamische energie interessant, zelfs in het gewijzigde tarievenmodel.
Tibber verhoogt tarieven voor 2026 en schrapt inkoopvergoeding bij teruglevering
De wijziging bij Tibber richting 2026 waarin de inkoopvergoeding voor teruglevering verdwijnt en wordt vervangen door een verkoopvergoeding van €0,0248 per kWh, is een concrete en substantiële verandering voor zonnepaneelbezitters. Het betekent dat je minder ontvangt voor teruggeleverde stroom dan voorheen, tenzij je je verbruik en teruglevermomenten goed weet te timen. Dynamische energie blijft kansen bieden, maar de spelregels zijn veranderd en maken actief energiebeheer belangrijker dan ooit.

In 2022 voor het eerst kennis gemaakt met dynamische energie en direct overgestapt. Na in 2023 een uitstapje naar een vast contract, nu weer sinds juli 2024 een dynamisch contract. Het blijft een fascinerend onderwerp, waar ik veel kennis opdoe over dynamische energie en deze graag met jullie deel op Energieprijzengids.nl

